Beginnen met een moestuin

Moestuinieren voor groentjes


indexcijfer1Stap 1: Waar moet de moestuin komen

Een moestuin leg je niet om het even waar aan in je tuin. Bezin eer je begint, en kies zorgvuldig een geschikte plek.
Geef de moestuin liefst een zonnige, lichte plek, als het eventjes kan op het zuiden of zuidwesten gericht.
De moestuin moet ook goed bereikbaar zijn voor nuttige insecten, die voor de bestuiving en bevruchting moeten zorgen. Daarom kun je best een aantal (sier-)planten voorzien, aan de rand, die zulke insecten aantrekken: veldesdoorn, rimpelroos, een krentenboompje, sering of kolkwitzia zijn bijvoorbeeld goede opties.

indexcijfer2Stap 2: Hoe groot moet je moestuin zijn

Pas de grootte van je moestuin aan jouw behoeften aan en aan de tijd die je er aan zult kunnen besteden.
Je kunt beter klein beginnen en ervoor zorgen dat er plaats is voor een eventuele uitbreiding later, dan dat je meteen met een reus van een moestuin begint. Een moestuin vraagt immers dagelijks om wat aandacht.

Voor een echte beginneling is een lapje grond van zo’n 10 m² ruim voldoende. Als je ervan droomt om – bijna – het hele jaar door je eigen verse groenten te oogsten, dan moet je ongeveer 50 m² oppervlakte per persoon voorzien.
Als je ook nog eens van fruit wil genieten, en kleinfruit voor jam, dan moet je al snel 80 m² per persoon voorzien.
In een moestuin tot 100 m² moet je ongeveer een halve dag per week werken in het voorjaar.
Een grotere moestuin, waar bijvoorbeeld ook fruit in groeit, vraagt al snel acht uur aandacht per week, van maart tot en met juni. Bepaal dus of je eigenlijk wel tijd hebt voor je grootse plannen.

Tip: Mensen die maar een heel beperkte ruimte ter beschikking hebben of enkel een balkon hebben, kunnen tuinieren in potten. Er zijn tegenwoordig heel wat mooie grote vierkante potten te vinden, die misschien niet de oppervlakte van een perceel hebben, maar waar je toch ook behoorlijk wat kunt uit oogsten.

indexcijfer3Stap 3: Deel je moestuin logisch in

De percelen van je moestuin staan best loodrecht op het hoofdpad. Ze zijn liefst allemaal even groot, dat is belangrijk voor de vruchtwisseling. Een ideale breedte voor een perceel is 80 cm en de percelen scheid je best van elkaar door paden van 60 tot 80 cm breedte. Alle perceeltjes moeten immers vlot bereikbaar zijn met een kruiwagen.

Je moet je moestuin ook beschermen. Voor de beschutting, of als omheining kun je bessenstruiken aanplanten, bijvoorbeeld frambozen of rode bessen, of een rij aardperen, zonnebloemen of maïs zetten.

indexcijfer4

Stap 4: Maak de grond klaar

In de volksmond wordt wel eens gezegd: ‘Zorg voor je bodem en de planten zorgen voor zichzelf’.
Het is dus van essentieel belang dat je je lapje grond optimaal voorbereidt, door de bodem van voldoende voedingsstoffen te voorzien en voor een goede losse structuur en een goede drainage te zorgen.

  • Verrijk je bodem indien nodig met organisch bodemverbeterend materiaal. Je vindt allerlei aangepaste producten in tuincentra. De producten kunnen soms duur uitvallen, maar als ze van goede kwaliteit zijn, geven ze ook heel goede resultaten.
  • De bovenste laag van de bodem, zo’n 15 tot 20 cm, moet altijd goed losgemaakt en luchtig zijn.
    Dit doe je door met een spit- of woelvork de grond los te spitten. Let wel op, want losgemaakte grond mag je niet te lang onbegroeid laten, anders droogt hij uit en verhardt hij. Je percelen klaarmaken door onder meer los te spitten, doe je dus maar een week voor je gaat inzaaien.
  • Je moestuin zal regelmatig water nodig hebben. Water zorgt immers voor het transport van de voedingsstoffen naar de planten. Door een mulchlaag rond je plantgoed aan te brengen, beperk je het risico dat de bodem uitdroogt. Cacaodoppen of kokosschors vormen hiervoor het perfecte afdekmateriaal.
  • Kalk strooien in de moestuin kan noodzakelijk zijn om een goede zuurtegraad, pH, te bekomen.
    Voor een vlotte opname van voedingselementen en voor een goede groei is die zuurtegraad van vitaal belang. Een bleke bladkleur en een slechte groei wijzen meestal op problemen.

Als je wil moestuinieren, moet je weten met welke grond je te maken hebt.

Zandgrond bevat weinig voeding en kan onvoldoende vocht vasthouden.
Je zult de grond dan ook een handje moeten helpen.Het voordeel van zandgrond is dan weer dat je het makkelijk kunt bewerken en dus verbeteren en dat de bodem sneller opwarmt in het voorjaar zodat je vroeger kunt starten.

Kleigrond kampt met andere problemen: die grond is zwaar van structuur en bevat te weinig lucht en te veel vocht.
Om de structuur te verbeteren kun je zware kleigrond mengen met grof zand, compost of humus.
Je leest het, wie een moestuin wil aanleggen die kans geeft op slagen, moet er best wat tijd  en moeite in steken.

Wat is een mulchlaag?

Het is een laag organisch materiaal – bijvoorbeeld grasmaaisel, cacaodoppen of boomschors – dat ervoor zorgt dat de bodem vochtiger blijft en je dus minder vaak water moet geven.
De mulchlaag zorgt er ook voor dat er minder onkruid kan groeien en dat je dus minder vaak moet wieden.
Het is namelijk van groot belang dat je percelen altijd onkruidvrij zijn. Doordat je organisch materiaal gebruikt, wordt de bodemstructuur bovendien verbeterd.

Verneem meer op 

KLIK HIER VOOR ONMIDDELLIJKE TOEGANG

animatedarrowdown

downloadMijnTuin.org

Bezoek me ook op (op You Tube vindt U alle afspeellijsten waar ik aan aan het werken ben

 

   social_youtube-follow-on-you-tube  indexfollow-us-on-google  social_pintrestfollow-on-pinterest1

TERUG NAAR HOMEPAGINA ➽➽ KLIK HIER ☚ ✔

Advertenties

4 gedachten over “Beginnen met een moestuin

  1. Hoi Theo,
    Ben dit jaar begonnen met tuinieren, vindt het nog moeilijk om te bepalen wanneer iets kan worden gezooid omdat het weer nog grillig is Maar op hoop van zegen dat het goed komt

    Groet Math

    Like

    1. Hoi Math
      Wat vooral belangrijk is dat je de zaai-kalender in het oog houdt, begin bijvoorbeeld niet om tomaten of bonen in volle grond te zetten voor half mei.
      Begin stap voor stap en laat je niet ontgoochelen als het in het eerste jaar soms tegenvalt, De beste leerschool zijn de tegenvallers, ik heb in het begin ook tegenvallers gehad (nu soms ook nog), maar daar heb ik het meest uit geleerd.
      Groetjes
      Theo

      Like

    1. Tip 1) Probeer eens om enkele limonadeglazen in de grond in te graven met de bovenkant gelijk met de aarde, giet daarin bier tot op een paar cm van de rand. De slakken komen er naar toe, vallen er in en je hoeft alleen maar de glazen dagelijks leeg te maken
      Tip 2) probeer eens scherp materiaal (zoals zand) rond de zaaibedden te leggen, dit vormt een wal waar zij niet graag over heen kruipen
      Tip 3) Weliswaar minder apettijtelijk, maar de slakken die je uit de limonadeglazen hebt gehaald, verpulveren, in water gieten en zo over de bedden gieten. die reuk (zou) de andere slakken wegjagen.
      Succes
      Theo

      Like

IK ZOU HET FIJN VINDEN INDIEN U HIER BENEDEN EEN REACTIE ZOU WILLEN PLAATSEN, ALVAST BEDANKT THEO HERBOTS

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s